Bruiloft

September 12, 2017

 

Op het moment dat deze krant uitkomt, donderdag 14 september, en u deze column leest, waarschijnlijk in de namiddag, sta ik mijn speech te houden. Mijn zoon trouwt en ik ben moeder van de bruidegom. Moeder met hoed. Hoe ik daar zal staan weet ik niet. Misschien wel met die grote zwarte lakjas van mijn schoonmoeder zaliger over mijn dure jurkje en op rubber laarzen. En dan die hysterische hoed op. Een hoed met een roos en voile, ik kan er volgende week zo mee naar Prinsjesdag.

Op het moment dat ik dit schrijf gieren donder en bliksem langs de hemel, stort het water met bakken uit de lucht, de hele dag al. Mijn huis is vol, met kinderen die komen logeren voor de bruiloft. Dochter is getuige en komt de bloemstukken en het bruidsboeket maken. In de schuur staat een stal met bloemen waar iedere bloemist jaloers op wordt. Protea’s en Leucodendron uit Portugal, exoten uit Afrika. Op de tuintafel onder de parasol bivakkeren emmers vol rozen, vazen, jampotten en kippengaas. Onder de kapstok staat de stapel met boeken die zojuist is afgeleverd door de drukker. Als dit feest afgelopen is zit ik in De Oude Veiling met die boeken, samen met dochter.

Maar eerst moeten we zorgen dat het donderdag een feest gaat worden. Dochter twee is ceremoniemeester en breekt op het ogenblik haar hoofd hoe ze alles zo gesmeerd mogelijk kan laten verlopen. En droog te houden. Zoonlief gaat namelijk trouwen op een unieke locatie: De Ruïne van Brederode, een prachtig gebouw, maar er zit geen dak op. 

 

Ik heb inmiddels alle heiligen uit de hemel gebeden en helemaal in stijl van mijn overleden moeder de Heilige Clemens aangeroepen. Steevast haar favoriete aanspreekpunt bij moeilijke zaken. Moeder, schoonmoeder en schoonvader heb ik vermanend toegesproken: ‘Het is nou wel even klaar daarboven met van gouden bordjes eten en gezellig klaverjassen. Doe in vredesnaam iets aan dat kloteweer.’

Morgen voorspellen ze windkracht 8 en dan worden de tenten opgezet om alle gasten droog te houden. Ik houd mijn hart vast.

‘Slecht weer bestaat niet’ is de slogan van mijn zoon. ‘Er bestaat alleen slechte kleding’. Dat moeten we nu waar maken.

 

Zelf roepen we altijd; ‘Je moet je plannen nooit door het weer laten verstoren’. En dat doen we dan ook niet. Het wordt gewoon een buitenbruiloft. Helemaal zijn stijl. Je bent buitensporter of je bent het niet. ‘Denk Texel’ zegt manlief. ‘Dan weten we ook nooit hoe het worden gaat.’ Het is in ieder geval geen Irma, houd ik mijzelf maar voor. Het kan altijd erger. 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload